BDO: Een externe bestuurder helpt ook úw familiebedrijf verder

 In Bestuur & Personeel, Homepage

Voor veel familiebedrijven is het ongetwijfeld een herkenbaar dilemma: is het misschien tijd om een bestuurder van buitenaf aan te trekken? Soms ontbreekt het aan opvolging binnen de familie. Soms is het bedrijf hard gegroeid. Soms is er simpelweg behoefte aan extra kennis en kunde ‘van buiten’.

Eén ding is zeker: voor elke familieonderneming is dit een spannende stap. Toch merk ik in mijn gesprekken met ondernemers dat steeds meer bedrijven er het nut van inzien – en dat is heel verstandig. Uit onderzoek van het Erasmus Centre for Family Business is namelijk gebleken dat familiebedrijven die met een externe bestuurder werken, gemiddeld een hoger rendement realiseren dan familiebedrijven zonder externe bestuurder.

Katalysator voor innovatie

Een bestuurder van buitenaf werkt vaak als een katalysator voor innovatie. Buitenstaanders zijn in staat om met een neutrale, objectieve blik naar de strategie te kijken. Ze vormen bovendien vaak een klankbord voor de volgende generatie binnen de familie. Ze kunnen voor hen als een onafhankelijke coach fungeren.

Ook bij de ambitie om meer internationaal te ondernemen kan een externe bestuurder deuren openen. Uit eerder onderzoek bleek: hoe groter de invloed van niet-familieleden op de strategie, des te internationaler is het familiebedrijf in termen van buitenlandse omzet en aantal buitenlandse vestigingen.

Volgende generatie

Zelfs externe bestuurders die op interim-basis binnenkomen, blijken in staat het familiebedrijf beter te laten presteren. Dat lijkt misschien haaks te staan op de kern van het familiebedrijf. Want is het risico van een interim-bestuurder niet, dat hij of zij hoofdzakelijk kortcyclisch denkt? Denkt de interimmer wel aan de volgende generatie? Doet deze stap niet af aan de identiteit van het familiebedrijf, met haar sterke naam, voorspelbaarheid van kwaliteit en hoge betrouwbaarheid?

De inzet van een externe bestuurder blijkt echter op elk vlak een groot succes. Maar dan moet wel aan een paar voorwaarden worden voldaan. De zittende CEO, vaak de oprichter, moet willen en durven loslaten. De externe bestuurder moet de ruimte, en een helder mandaat, krijgen. Eerder publiceerde ik een whitepaper met tien succesfactoren voor een goede samenwerking tussen externe directie en het familiebedrijf.

In de praktijk komt het helaas vaak voor dat een familiebedrijf een externe bestuurder aanstelt, die binnen een jaar weer vertrekt. Vrijwel altijd verklaart deze bestuurder achteraf dat hij of zij te weinig ruimte kreeg.

Wederzijdse klik

Een goede kandidaat-bestuurder van buitenaf stelt daarom al tijdens het recruitment-proces kritische vragen: wat is het gewenste niveau voor de rol en waarom? Is de familie-CEO niet geïntimideerd door mijn komst en mag ik de organisatie naar een hoger niveau tillen? Hij of zij moet de heersende cultuur en de kernwaarden van de familie in het gesprek met de recruiter boven tafel willen krijgen.

Deze bestuurder beseft dat de directeur-grootaandeelhouder over de vloer zal blijven komen en nieuw beleid soms zal doorkruisen met ‘oud’ gedrag. Het is de kunst om daar begrip en respect voor te hebben, zonder de eigen doelen uit het oog te verliezen. Dat kan alleen als er een wederzijdse klik is tussen DGA en de externe bestuurder. Over de onvermijdelijke hobbels die je onderweg tegenkomt, moet je kunnen praten.

Belangrijke stakeholder

Veel ondernemingen kijken naar externe bestuurders voor de rol van CFO, zeker als de daarvoor benodigde kennis en competenties binnen de bloedlijn ontbreken. De CFO heeft vaak ook HR in de portefeuille, waardoor hij of zij grote invloed heeft op het personeelsbeleid.

De externe bestuurder is dus een belangrijke stakeholder: hij of zij kan een nieuwe manier van leidinggeven introduceren. De externe bestuurder is daarnaast bij uitstek de persoon voor een onafhankelijke blik, een (nieuwe) visie op duurzaamheid en diversiteit en het herschrijven van functieprofielen aan de hand van technologische ontwikkelingen en procesverbeteringen, Ook helpt de externe bestuurder het bedrijf om te investeren in employability: meer opleidingen en trainingen aanbieden en accepteren dat werknemers uit de generatie Z, ook wel de digital natives genoemd, vaak na een paar jaar weer op zoek gaan naar een nieuwe baan.

Sterkere onderneming

Kortom: externe bestuurders kunnen ervoor zorgen dat het familiebedrijf klaar is voor de toekomst. Hoe onwennig het in het begin ook kan aanvoelen: de onderneming wordt er sterker van. Meer weten over hoe familiebedrijven een betere werkgever kunnen worden? Download dan het familiebedrijvenonderzoek over winnend werkgeverschap.

Deze blog is geschreven in samenwerking met Sam Trentelman van BDO Accountants & Adviseurs

Recommended Posts