Bedrijfsoverdracht: meefinancierende overdrager nieuwste trend [afl. 4]

 In Bedrijfsoverdracht

Bedrijfsoverdracht buiten de familie, een goed alternatief? Zo luidt de titel van de Familiebedrijvenbarometer die het Centrum van het Familiebedrijf (CFB) in samenwerking met ING en BDO alweer in 2009 publiceerde. De uitkomsten van het onderzoek zijn nog steeds actueel. Deel 4 van een serie artikelen over dit thema.

In hoeverre de recessie van invloed is op de wijze waarop ondernemers hun bedrijf willen verkopen is voor de Familiebedrijvenbarometer onderzocht. Een trend die in crisistijd zijn opwachting heeft gemaakt, is die van de meefinancierende overdrager. Een aanzienlijk deel van de ondernemers staat positief tegenover het idee om financieel bij te springen om de overname mogelijk te maken, en niet alleen bij overdracht binnen de familie.

Ondernemer financiert mee
Zo is veertig procent van de overdragers bereid met zijn geld – bijvoorbeeld via een achtergestelde lening – een mbi of mbo mogelijk te maken. Daardoor staan de banken ook eerder open voor financiering. ‘Als het gaat om een kapitaalintensief bedrijf kan het bijna niet anders dan dat de ondernemer meefinanciert’, benadrukt Ilse Matser, directeur van het CFB. Ze wijst er wel op dat het zittende bestuur en het nieuwe bestuur goede afspraken moeten maken. ‘Zo moet er een Raad van Advies worden opgericht, waar ook de overdrager in zit.’

Emotionele kant
Zowel banken als advocaten en accountants richten zich te veel op de technische aspecten van overdracht terwijl het eigenlijk om de emotionele kant gaat, meent Alexander Thomassen, Senior Projectmanager Financial Advisory Services bij ING. Na de overdracht word je niet meer gebeld, je zit niet meer in de circuits. ‘Ze zeggen wel: je moet vijf jaar uittrekken voor de bedrijfsoverdracht. Ik zeg op mijn beurt: daarvan heb je er vier nodig om aan het idee te wennen dat je het bedrijf straks niet meer leidt. De technische kant is binnen een jaar op te tuigen.’

Juist de emotionele betrokkenheid van ondernemers die al jaren of decennia alles op alles hebben gezet om van hun bedrijf een succes te maken, leidt ertoe dat veel van hen het bedrijf liever binnen de familie houden. Indien er een geschikte opvolger binnen de familie is, kan de overdracht vaak ook in crisistijd gewoon doorgang vinden, aldus de onderzoekers. Dat gebeurt immers veelal met gesloten beurzen, waardoor geen overnamefinanciering nodig is.

Bedrijf verkopen buiten familie
Het CFB wil alternatieven van de overname door een familielid onder de aandacht brengen. Een mbi of een mbo kan beslist uitkomst bieden. ‘In de praktijk betekent het overigens niet dat je zomaar de hoofdprijs vangt voor je bedrijf als je het buiten de familie verkoopt’, zegt Matser. ‘Tot voor kort was het bovendien een stuk eenvoudiger om je bedrijf te verkopen aan strategische partijen.’ Thomassen: ‘Vaak krijgen ondernemers niet de hoogste prijs als zij hun bedrijf verkopen aan medewerkers. Zij moeten geld lenen bij banken of kapitaal ophalen bij investeerders. Strategische partijen betalen daarentegen een zogenaamde strategische premie.’

Oogkleppen
Niettemin is de kans op een interessante overdracht volgens de CFB-directeur een stuk groter als je geen oogkleppen op hebt en alle opties open laat. ‘Kijk ook goed naar écht alternatieve opties. Bijvoorbeeld een zoon en een manager die het bedrijf samen overnemen. Wees creatief bij het bedenken van scenario’s. Ook binnen de familie overdragen is dan een goede, bewuste keuze.’

Dit artikel is geschreven in samenwerking met de redactie van Overnamematch.nl.
Lees ook deel 3 van de serie artikelen over dit thema.

Recommended Posts