“Eerste klas vliegen doen familiebedrijven minder snel” [blog]

 In Dossier: Expertartikelen

De grootvader van Danny de Keizer had een speelgoedwinkel. Opa was tweede generatie, en daar bleef het bij. De Keizer is zelfstandig ondernemer in de productontwikkeling en grafische vormgeving. Geen familiebedrijf (nog), maar met enkele familiebedrijven als klant is hij met recht praktijkexpert te noemen. “Het is wel mijn wens om het ooit over te kunnen dragen aan mijn toekomstige kinderen.”

Eigen geld
Ik merk dat veel bedrijven op de korte termijn gericht zijn, en gericht zijn op nu snel veel geld verdienen. Persoonlijk ben ik fan van familiebedrijven die een langetermijnvisie hebben en ervoor zorgen dat er in de toekomst nog steeds veel wordt verdiend. Hun geld gaat ook over naar de volgende generaties. Overigens houd ik vooral van de intiemere, kleine familiebedrijven, bij grote familiebedrijven zie je de invloed van het familie-DNA toch afnemen.
Het werken met eigen geld wat in familiebedrijven wordt gedaan, heeft tegelijkertijd ook een nadeel. Sommige beslissingen kunnen maar moeilijk worden genomen; risico’s worden minder snel genomen. Er schuilt zelfs een gevaar in wanneer je te zuinig bent, terwijl bepaalde investeringen nodig zijn om er in de toekomst nog te zijn en verder te groeien.

Zelf vind ik zuinigheid overigens geen negatieve uitstraling hebben. Mijn persoonlijke voorbeeld is mijn opa in de speelgoedwinkel. Hij heeft de oorlogsperiode meegemaakt; ik ken niemand die zuiniger was dan hij. Ik ben fel tegen de verspilling in grote bedrijven. Ik zou me daar dus ook minder thuis voelen. Neem bijvoorbeeld eerste klas vliegen op een zakenreis, in plaats van tweede klas. Ik vind dat een beetje overdreven. Dat doen bestuurders van familiebedrijven naar mijn mening minder snel.

Ontslaan
Bij familiebedrijven voelen de medewerkers niet zelden ook als familie. Dat levert veel betrokkenheid op, wat prettig werkt voor zowel het management als het personeel. Maar ook hiervoor geldt dat beslissingen soms moeilijker worden genomen. Bijvoorbeeld wanneer iemand niet goed functioneert en ontslagen zou moeten worden. Soms vraagt een situatie nu eenmaal om hard optreden. Ik heb dat wel eens mis zien gaan, omdat allerlei andere argumenten – of eigenlijk de persoonlijke situatie – de doorslaag gaven.
Ook het aannemen van personeel kan lastig zijn. Een bedrijfsfamilie wil namelijk iemand hebben die in de groep past. Je hebt de kunde en de kennis nodig vereist is voor de functie, maar een familiebedrijf verlangt meer, zeker wanneer het om een functie gaat op managementniveau. Je zoekt iemand die in de familie zit, iemand die durft op te staan, maar tegelijkertijd gedienstig kan zijn aan de normen en waarden van de familie. Hij of zij moet de familie niet willen veranderen.

Betrokken
De opvolging is ook altijd een spannend thema. Is er überhaupt een mogelijke opvolger binnen de familie? Is er interesse? En is hij of zij kundig genoeg om het bedrijf over te nemen? Of moet er een externe opvolger komen, die wel in de lijn van de familietraditie opereert? Verkopen is ook een optie natuurlijk, maar daar moet de familie natuurlijk wel mee kunnen leven.

Ik zou het leuk vinden om mijn bedrijf ooit te kunnen overdragen. Maar op korte termijn zou ik eerder op zoek zijn naar een externe compagnon, die qua kennis en kunde bij me past, maar wel complementair is.

[over de auteur]
Danny de Keizer is designer (van Fambizz) en directeur van StudioDiverse. Hij werkt onder meer voor merken als AKAI, Decoded, Openlab en Luxxus.

Recommended Posts