In gesprek met de minister van Familiebedrijven

 In Dossier: ONL, Finance, Innovatie

Hij werkte op zijn achttiende in het bedrijf van zijn opa. Nu, veertig jaar later, zwaait hij er de scepter en is hij president-directeur van Gassan Diamonds: Benno Leeser (58). Een half jaar geleden trad hij bovendien aan als minister van Familiebedrijven in het schaduwkabinet van ONL voor Ondernemers. Een gesprek met een standvaste ondernemer en bevlogen minister.

Werken in een diamantbedrijf. Is dat een droom die werkelijkheid is geworden?
“Ik ben wel tussen de pracht en praal opgegroeid. Mijn vader bezat diverse modeketens en de vader van mijn moeder was diamantsnijder. Toen ik mijn havo-diploma had behaald, lag het voor de hand dat ik bij mijn vader zou gaan werken. Daarvoor zou ik ervaring opdoen bij de Bijenkorf, maar daar moest ik een contract voor drie jaar tekenen en dat zag ik niet zo zitten. Mijn grootvader vroeg of ik bij hem wilde komen werken. Mijn moeder was daar ook werkzaam als commissaris. Ik had enige reserve, want ik wilde er wel werken, maar zonder de familiesores. Daar ben ik toen heel open in geweest. We spraken af het een jaartje te proberen. En hier zitten we dan.”

Is dat gelukt, zonder familiesores in het bedrijf van uw grootvader werken?
“We hebben een kleine twaalf jaar samengewerkt. Dat ging natuurlijk wel met vallen en opstaan, maar de eerste tien jaar verliep de samenwerking met mijn opa heel goed. De laatste anderhalve jaar voordat ik het bedrijf overnam, verliep wat problematischer. Dat lag vooral aan mezelf. Laat ik zeggen dat ik toen nog wat directer en rebelser was. Tegenwoordig ben ik iets voorzichtiger in mijn woordkeuze.”

Nu heeft u zelf kinderen die bovendien werkzaam zijn in uw bedrijf. Denkt u al aan afscheid nemen?
“Ik heb ooit gezegd dat ik op mijn 49e met pensioen zou gaan. Maar ik vind mijn werk veel te interessant. Er is nog zoveel te doen. Ik werk zo’n zestig uur per week en dat doe ik nog steeds met plezier. Dus nee, ik heb nog geen overdracht voorbereid. Er zijn inderdaad vijf kinderen en aangetrouwde partners die het straks van me over kunnen nemen. Maar dan moet ik er ook echt klaar voor zijn. Ik ben van mening dat als je een overdracht aankondigt, je daarna ook echt afscheid moet nemen. Anders verlies je autoriteit.”

U heeft vijfhonderd medewerkers in dienst en de horloge- en  diamantenwinkels trekken jaarlijks 400.000 bezoekers. Wat is het geheim van uw succes?
“Inlevingsvermogen is ontzettend belangrijk in ons vak. En eigenlijk geldt het voor ieder bedrijf: je moet je klant begrijpen. Dezelfde taal spreken. Met een voetballer gaan we totaal anders te werk dan met een hockeyer. Die finesse is cruciaal. En uiteraard dien je oog te hebben voor detail. Mensen kopen hier de crème de la crème. Dan moet alles tot in de puntjes zijn verzorgd. Bezoekers moeten zich welkom voelen. En als ze naar het toilet gaan en nog even over hun eventuele aankoop nadenken, moet dat toilet blinkend schoon zijn. Is het dat niet, dan kan dat hun stemming beïnvloeden met als gevolg dat ze wellicht van de koop afzien.”

We kunnen al op meer dan tien locaties in verschillende landen een GD-artikel kopen en binnenkort openen jullie nog een aantal nieuwe vestigingen. Financiering is dus geen probleem?
“Oh, ik merk zeker een verschil met tien jaar geleden. De vrijgevigheid van banken destijds was niet goed. Maar zoals het nu gaat, is ook niet goed. Daar merken wij ook de negatieve gevolgen van. Je krijgt minder krediet, punt. Maar dat wil niet zeggen dat je dan bij de pakken neer moet gaan zitten. Want laat ik voorop stellen dat ik niets op heb met alle negatieve publiciteit die er geweest is rondom de crisis en het verkrijgen van kredieten. Met negativiteit is niemand geholpen. Mijn moeder leerde me dit soort gebeurtenissen niet weg te wuiven, want ze bestaan. Het is echter de kunst om er vervolgens iets mee te doen. Zoek alternatieven. Laat een tegenslag je motiveren om iets nieuws te ondernemen.”

U bent nogal positief ingesteld…
“Natuurlijk. Ik geloof heilig dat we met positiviteit veel meer bereiken. Het is een cliché, maar het glas is bij mij echt halfvol. Negativiteit en ondernemerschap gaan moeilijk samen.”

Wat zegt u als minister van Familiebedrijven tegen al die banken die nu veel voorzichtiger zijn met het verstrekken van kredieten?
“Banken willen 120 procent zekerheid. De redenatie is dat ze daardoor minder problemen hebben. Want ja, ondernemers kunnen nu eenmaal failliet gaan. Maar zo lopen de banken ook kansen mis. Wat ik tegen hen zeg? Maak een optelsom van alle kansen die jullie zijn misgelopen door niet te investeren. Kansen missen zie ik namelijk ook als fouten maken. En je mag best een fout maken, maar maak dan niet twee keer dezelfde. In mijn rol als schaduwminister pleit ik voor meer ondernemerschap bij banken. Als dga van een familiebedrijf wil je iemand tegenover je hebben zitten die jouw wereld begrijpt. Die snapt hoe je als ondernemer denkt en werkt.”

Met welke onderwerpen bent u nog meer belast?
“We hebben de agenda voor dit ministerschap bepaald op basis van een analyse onder de leden van ONL voor Ondernemers. Kredietverstrekking en regelgeving werden steevast door de leden genoemd. Er zijn echt te veel regels. De economie verandert snel. Dito voor de maatschappij en de techniek. Waarom is de overheid dan zo’n log apparaat? Dat botst. We moeten regels sneller kunnen aanpassen. En er moeten een hoop regels van tafel. De overheid moet vooral zaken faciliteren.”

Hoe gaat u dat aanpakken?
“Ik zie mezelf als ambassadeur voor het familiebedrijf. Ik luister naar de verhalen en omdat ik zelf een familiebedrijf heb, begrijp ik de problematiek. Aan mij de taak om dat uit te dragen. Om het familiebedrijf hoog op de politieke agenda te krijgen. Om het geluid voor onze achterban te zijn. ‘Awareness kweken’, zoals dat zo mooi heet. Niet door te klagen, maar door te vertellen wat er speelt en door ideeën aan te dragen. Zoals gezegd, ik heb de indruk dat de bancaire sector niet begrijpt wat er speelt onder familiegestuurde ondernemingen. Daar ga ik verandering in brengen.”

 

Recommended Posts